In de goot

Gisteren gebeurde het onvermijdelijke, er is weer een vooroordeel bevestigd 🙁  Nee, niet de film van die xenofobe Limburger, dat was vandaag. En daar ga ik het voorlopig niet over hebben, vergeleken bij wat ik heb meegemaakt is het gewoon niet interessant genoeg (Windows Movie Maker iemand?) Misschien was het je ontgaan, maar het gaat hier immers over mij.

Na bijna drie jaar Biologie ben ik namelijk letterlijk in de goot beland. Ja, ik weet het, ik had het ook eerder verwacht, maar het duurde nou eenmaal even. Gisteren stond ik namelijk – heel genânt naast het UMC – met een stel blauwbekkende lotgenoten en een overenthousiaste docent (20+ porties gratis chocolademelk per dag) rietstengeltjes en blubber te verzamelen in een drassige sloot.

En waarom in godesnaam? Omdat we voor een cursus een paar weken gaan ‘werken’ met een elektronenmicroscoop (ter waarde van een semiprefab rijtjeshuis in de Meern). De grap wil echter dat je met zo’n stuk overprijzig apparatuur eigenlijk alleen dood materiaal kunt bekijken. Leuk voor geologen en andere pseudowetenschappers, maar biologen, en andere mensen die zich bezig houden met leven, kunnen er niet zoveel mee.

Of toch wel? De reden voor het afduiken in de sloot was namelijk het verzamelen van rare eencellige wieren, welke dan de rest van de tijd bekeken gaan worden.

Ofwel, een heerlijk zinvol dagje Diatomeeën kijken. “Deze heeft de vorm van een lepel!”, “en deze lijkt op een colablikje”, “kijk een vliegtuig!”. Soms weet je gewoon dat je collegegeld, en alle overheidssubsidie, goed besteed wordt.

PS. Wikipedia, de rekening voor alle linkjes in bovenstaand verhaal, en de resulterende honderdduizenden hits jullie kant op, wordt per omgaande verstuurd.

Frank