Linkse statistiek

Het woord links lijkt de laatste tijd, met name op televisie, vrijwel alleen nog te verwijzen naar een positie in het politieke spectrum. Groenlinks, SP en PvdA – sinds de stropdas van Wouter natuurlijk wel in mindere mate – worden bijvoorbeeld links genoemd. Onder andere de geblondeerde Limburger en de potige vrouw zijn rechts. Nauwelijks wordt dit woord nog in verband gebracht met linkshandigheid. Zo moet je tegenwoordig goed nadenken over je antwoord als iemand op een feestje vraagt of je links of rechts bent, aangezien de in de lateralisatiefase gekozen richting niets zegt over politieke voorkeur.

En de linkshandige medemens heeft het al zo zwaar. Zo las ik laatst dat uit epidemiologisch onderzoek van het UMC Utrecht (Ramadhani et al., 2005) gebleken is dat linkshandige vrouwen, ten opzichte van rechtshandige geslachtsgenoten, een twee keer zo grote kans hebben om voor hun vijftigste levensjaar borstkanker te krijgen. Althans zo bleek uit de statistiek.

En dus werd er naarstig gezocht naar mogelijke oorzaken voor dit statistische verschijnsel. Zo werd er onder andere gespeculeerd over enkele hormonen, welke vooral hun effect in de baarmoeder (uterus voor connaisseurs) hebben, die naast de voorkeurshand ook het borstkankerrisico bepalen. Desalniettemin viel het verband tussen de hand waarmee een vrouw haar pen vast houdt en de kans op het krijgen van borstkanker niet hard te maken. Maar het zegt natuurlijk wel het een en ander over het gebruik van statistiek en het blindelings daarop vertrouwen. Statistiek is niet waterdicht en verre van zaligmakend. Ene Lucia de Berk kan daar waarschijnlijk over meepraten.

Gelukkig is het niet allemaal slecht nieuws voor de minderheid – naar schatting 10 tot 15% – van de linkshandigen. Zo heeft de statistiek ook aanwijzingen gegeven dat linkshandigen betere boksers, tennissers en tafeltennissers zijn (het woord pingpong mocht ik niet gebruiken van een vriend die deze campingsport fanatiek beoefende). Ook een significant grote groep van de Amerikaanse presidenten peuterde met links in de neus. Ruim een derde, grofweg drie maal zoveel als in de rest van de populatie.

Overigens ben ik ontzettend benieuwd naar het verband tussen het eten van louter rauw voedsel, de stand van de maan, de buitentemperatuur en luchtvochtigheid, het bekijken van bepaalde knip en plak filmpjes van nog geen kwartier op het internet, en linksdraaiende eiwitten in yoghurt en de kans op onterechte levenslange opsluiting. En zou er misschien tóch een verband te vinden zijn tussen welke hand je gebruikt om het vakje op je stembiljet rood te kleuren (ook al zo’n politiek kleur!) en de politieke partij waar dat vakje dan bij hoort? Als dat geen significant verhoogde kans op het vertrouwen in de statistiek geeft weet ik het ook niet meer.

Frank

Reageren verboten!